Doelstelling
Bescherming
van netwerkdiensten.
Toelichting
De
toegang tot de interne en externe netwerkdiensten dient te worden beheerst, zodat de
veiligheid hiervan niet in gevaar wordt gebracht.
9.4.1 Beleid ten aanzien van het gebruik van netwerkdiensten
Doelstelling
Gebruikers
krijgen alleen toegang tot die diensten waarvoor zij zijn geautoriseerd.
Eisen 9.4.1
- Het gebruik van netwerkdiensten is gekoppeld aan een bepaald autorisatiebeleid
(zie 9.2. Management van toegangsrechten / autorisatiebeheer).
9.4.2 Verplichte route
Doelstelling
De
route waarover de informatie wordt verzonden tussen het werkstation en de
computerservice wordt beheerst.
Eisen 9.4.2
- De routering gaat via vaste verbindingen, waarbij mobiele werkstations
niet
aansluitbaar zijn op de route;
- De routering valt onder het personele protocol geheimhouding;
- Zendpunten en ontvangstpunten bij datacommunicatie verzekeren zich
elkaar van
juiste identiteit en zijn niet door onbevoegden te onderscheppen (BXIV 9.4, CBP 4.8).
9.4.3 Autorisatie van gebruikers bij externe verbindingen
Doelstelling
Autorisatie
van gebruikers die van een externe locatie toegang proberen te krijgen tot het
netwerk.
Is in dit kader niet van toepassing.
9.4.4 Node-auorisatie
Doelstelling
De
autorisatie van verbindingen met computers op afstand moet worden geverifieerd.
Is in dit kader niet van toepassing.
9.4.5 Beveiliging van diagnosepoorten op afstand
Doelstelling
De
toegang tot het netwerk via een diagnosepoort is beveiligd.
Eisen 9.4.5
- Het op afstand diagnosticeren, c.q. repareren van problematiek op
het netwerk, blijft
beperkt tot een kleine groep gemachtigden;
- Het diagnosticeren op afstand gebeurt via het netwerk en niet middels
een
telefoonverbinding;
- Alvorens een dergelijke sessie te starten, moet toestemming worden
verkregen
voor de inbreuk;
- Wanneer de diagnose gebeurt, blijft de betrokken persoon voortdurend
op de
hoogte van wat er wordt uitgevoerd;
- De aangewezen functionarissen voor het uitvoeren van deze diagnosevorm,
hebben een verklaring ondertekend, waarmee ze aangeven de gegevens waarvan
zij op deze manier kennis krijgen, geheim te zullen houden.
9.4.6 Scheiding in netwerken
Doelstelling
Het
aanbrengen van scheidingen op het netwerk teneinde ongeautoriseerde toegang tot
data te bemoeilijken / verhinderen.
Eisen 9.4.6
- Het GSD- en Suwi-netwerk blijven virtueel strikt gescheiden van andere
netwerken,
tenzij de bedrijfsprocessen een koppeling noodzakelijk maken;
- Daar waar een koppeling noodzakelijk is of wordt, worden alle noodzakelijke
beveiligingsmaatregelen genomen om onbevoegde toegang tot het GSD-netwerk
te verhinderen. Twee belangrijke maatregelen zijn:
- Al het netwerkverkeer van het eigen netwerk met andere netwerken,
waaronder Internet, dient te verlopen via één logische netwerkingang, de
filterende netwerkkoppeling, waarbij als uitgangspunt geldt dat “alles wat niet
expliciet is toegestaan is verboden”;
- Voor de Internetkoppeling wordt tevens een actieve bewaking ingericht
voor
het detecteren van mogelijke inbraken;
Mochten componenten of delen van het netwerk fysiek gedeeld worden
met andere
partijen, dan dient een strikte logische scheiding ingericht te worden, die
aantoonbaar en controleerbaar is; ook hier is van toepassing “alles wat niet
expliciet is toegestaan is verboden”;
Data en spraakverkeer dient logisch gescheiden te zijn.
9.4.7 Beheer van netwerkverbindingen
Doelstelling
Door
instelling van juiste toegangsbeveiliging verhinderen dat gebruikers van het netwerk
ongewenste verbindingen kunnen maken.
Eisen 9.4.7
- Zonder de juiste autorisatie moet het gebruikers onmogelijk zijn om
ongewenste
verbindingen te leggen op gezamenlijke netwerken; m.a.w. verbindingen niet zijn
toegestaan, tenzij daar een specifieke machtiging voor is afgegeven.
9.4.8 Beheer van netwerkroutering
Doelstelling
De
routering van informatie die persoonsgegevens bevat wordt beheerst.
Eisen 9.4.8
- De routering van deze informatie is vastgelegd en wordt gevolgd;
- De routering van deze informatie is deels onderhevig aan toegangsmachtigingen
en scheidingen tussen profielen, applicaties, etc.
9.4.9 Beveiliging van netwerkdiensten
Doelstelling
De
door de GSD gebruikte netwerkdiensten voldoen aan de daarvoor vastgelegde
beveiligingseisen.
Eisen 9.4.9
- De netwerkdiensten waarvan gebruik wordt gemaakt door de GSD vormen
geen
afbreukrisico voor de beveiliging van persoonsgegevens;
- De netwerkdiensten waarvan gebruik wordt gemaakt door de GSD blijven
beperkt
tot de netwerkdiensten die voor de bedrijfsprocessen van de GSD noodzakelijk zijn;
- Het netwerk voor de GSD met bijbehorende routering wordt exclusief
ter
beschikking gesteld aan de GSD c.q. gemeente, waarbij geen directe toegang
mogelijk is vanuit publiek toegankelijke netwerken of via inbelvoorzieningen (BXIV
9.4, CPB 4.8).