Doelstelling
Het
voorkomen van verlies, schade of compromitteren van bedrijfsmiddelen en
onderbreking van de bedrijfsvoering.
Toelichting
Apparatuur
dient fysiek te worden beveiligd om het risico van ongeautoriseerde toegang
tot gegevens te verkleinen en de apparatuur en gegevens te beschermen tegen verlies of
schade.
7.2.1 Het plaatsen en beveiligen van apparatuur
Doelstelling
Apparatuur
moet zodanig geplaatst en beveiligd zijn dat de risicos van schade beperkt
zijn.
Eisen 7.2.1
- Het is alléén toegestaan om actieve apparatuur in
serverruimtes (actieve apparatuur =
alle componenten die onderdeel uitmaken van het computernetwerk) en
telecommunicatieverbindingen voor data en telefonie (ook telefooncentrales) te
plaatsen;
- Het is niet toegestaan om andere voorwerpen en apparaten (zoals
een kluis, printer,
kopieerapparaat, koffiezetmachine, opslag, schoonmaakspullen) in de serverruimte te
plaatsen;
- Actieve apparatuur dient bij voorkeur te worden ondergebracht in apparatuur-
en
patchkasten of rekken; in gezamenlijke ruimtes of niet-afsluitbare ruimtes dienen de
apparatuurkasten afsluitbaar te zijn door middel van een slot;
- De GSD dient haar beleid te bepalen ten aanzien van eten, drinken
en roken in de
nabijheid van ICT- apparatuur en dit aan de GSD-medewerkers bekend te maken;
- Uitsluitend met gecertificeerde apparatuur kan een geautoriseerde
toegang tot het
netwerk worden verkregen (BXIV 7.2, CBP 4.5);
- Alle hardware wordt type gecertificeerd voordat tot inzet wordt overgegaan
(BXIV 7.2,
CBP 4.5);
- Niet gecertificeerde apparatuur wordt niet toegelaten (BXIV 7.2, CBP
4.5);
- Gebruikers kunnen niet zelf/zelfstandig andere hardware configureren
(BXIV 7.2, CBP
4.5);
- De GSD zorgt voor een adequate fysieke beveiliging tegen verlies of
onrechtmatige
verwerking van persoonsgegevens (BXIV 8.5, CBP 4.8);
7.2.2 Stroomvoorziening
Doelstelling
Apparatuur
moet zijn beveiligd tegen uitvallen door stroomstoringen en andere elektrische
storingen.
Eisen 7.2.2
Preventief:
- De groepenkast van de serverruimte dient goed bereikbaar te zijn;
- Wandcontactdozen mogen niet direct op hout afgemonteerd worden (i.v.m.
brandgevaar);
- Leidingen mogen niet loshangen of onvoldoende zijn aangesloten;
- Spanningssloffen mogen niet worden doorgelust omdat hierdoor mogelijk
de
weerstand van de beschermingsleiding zijn maximum overschrijdt;
- Er dient een goede aarding te zijn.
Repressief:
- Noodstroomvoorziening en overspanningbeveiliging zijn nodig ter
bescherming van de apparatuur en om kortstondige netspanninguitval op te
vangen.
7.2.3 Beveiliging van kabels
Doelstelling
Voedings-
en telecommunicatiebekabeling die gebruikt worden voor dataverkeer of
ondersteunende informatiediensten moeten zijn beveiligd tegen interceptie of
beschadiging.
Eisen 7.2.3
- De bekabeling mag worden aangelegd in het zwakstroomcompartiment van
kabelgoten, wandgoten en ladderbanen mits deze zijn voorzien van een metalen
scheidingsschot;
- Bij het aanbrengen van bekabeling in nieuw aan te brengen wand- en
kabelgoten,
ladderbanen en installatiebuizen, dient de NEN 1010 in acht te worden genomen.
7.2.4 Onderhoud van apparatuur
Doelstelling
Het
waarborgen van de beschikbaarheid en de integriteit van de gebruikte apparatuur
door voldoende onderhoud.
Eisen 7.2.4
- Het onderhoud van apparatuur wordt verzorgd door de ICT- leverancier;
door middel
van audits wordt beoordeeld of de ICT- leverancier aan de in de Beveiliging Suwinet
gestelde normen t.a.v. Onderhoud van apparatuur voldoet.
7.2.5 Beveiliging van apparatuur buiten
de locatie
Doelstelling
Apparatuur
welke buiten de GSD en kantoren wordt gebruikt, dient toereikend te worden
beveiligd om misbruik te voorkomen.
Eisen 7.2.5
- De procedure met maatregelen omtrent het gebruik van of verbod op
mobiele
telefoons, elektronische zakagendas of laptops dient altijd de beschikbaarheid,
exclusiviteit en integriteit van de informatievoorziening en de gegevens te waarborgen;
7.2.6 Veilig afvoeren en hergebruiken van
apparatuur
Doelstelling
Vertrouwelijke
gegevens dienen te zijn verwijderd uit apparatuur die buiten het beheer van
de GSD gaat vallen.
Eisen 7.2.6
- Alvorens GSD-apparatuur buiten gebruik wordt gesteld, wordt eerst
alle gevoelige
informatie daarvan op een veilige manier verwijderd;
- De ICT-leverancier verplicht zich tot het volledig en permanent verwijderen
van alle
nog resterende opgeslagen data, voordat het apparaat wordt herplaatst of
aangeboden ter vernietiging.