Doelstelling
Het
minimaliseren van de schade welke wordt veroorzaakt door beveiligings- incidenten
en storingen, het monitoren van dergelijke incidenten en er lering uit trekken.
Toelichting
Incidenten
die de beveiliging aantasten, dienen zo snel mogelijk via geëigende kanalen
te worden gerapporteerd. Werknemers en ingehuurd personeel dienen bekend te zijn met
de hiervoor geldende procedures en met de plicht om alle incidenten die zij ontdekken of
vermoeden zo snel mogelijk te rapporteren bij de geëigende contactpersoon.
6.3.1 Het rapporteren van beveiligingsincidenten
Doelstelling
Incidenten
die een inbreuk vormen op de gestelde beveiligingsnormen moeten zo snel
mogelijk via de juiste kanalen worden gemeld en gerapporteerd om voorzetting, c.q.
herhaling waar mogelijk op lossen of te voorkomen.
Eisen 6.3.1
- De voorgeschreven procedures en kanalen voor de melding van incidenten
binnen
de GSD zijn vastgesteld en bij de medewerkers bekend;
- Beveiligingsincidenten dienen, conform het beveiligingsbeleid Suwinet,
aan BKWI
gerapporteerd te worden;
- In geval van incidenten waarvan de bedreiging beperkt blijft tot de
GSD zal de GSD
reageren en voor de afhandeling zorgen. Voor incidenten die tevens voor de overige
Suwi-ketenpartners een bedreiging vormen ligt die taak en verantwoordelijkheid bij
het BKWI;
6.3.2 Het rapporteren van zwakke plekken in de beveiliging
Doelstelling
Zwakke
plekken die (potentieel) een inbreuk vormen op de gestelde beveiligingsnormen
moeten zo snel mogelijk worden gerapporteerd om te kunnen worden aangepakt.
Eisen 6.3.2
- De voorgeschreven procedures en kanalen voor de melding van mogelijke
beveiligingslekken binnen de GSD zijn vastgesteld en bij de medewerkers bekend;
- Zwakke plekken dienen, conform het beveiligingsbeleid Suwinet, aan
BKWI
gerapporteerd te worden;
- In geval van zwakke plekken waarvan de bedreiging beperkt blijft tot
de GSD zal de
GSD reageren en voor de afhandeling zorgen. Voor zwakke plekken die tevens voor
de overige Suwi- ketenpartners een bedreiging vormen ligt die taak en
verantwoordelijkheid bij het BKWI;
- De opvolging van de melding wordt aan de melder teruggekoppeld;
- Zwakke plekken mogen door GSD-medewerkers niet worden gedemonstreerd,
omdat dit kan worden uitgelegd als mogelijk misbruik van het systeem.
6.3.3 Het rapporteren van onvolkomenheden in de software
Doelstelling
Het
zo snel mogelijk wegnemen of minimaliseren van de schade die wordt veroorzaakt
door onvolkomenheden in de programmatuur.
Eisen 6.3.3
- De voorgeschreven procedures en kanalen voor de melding van onvolkomenheden
in de Suwi-applicaties binnen de GSD zijn vastgesteld en bij de medewerkers bekend;
- De symptomen van het probleem en alle berichten die op het scherm
verschijnen,
dienen te worden genoteerd en gemeld door de GSD-medewerkers aan de helpdesk
van de ICT- leverancier;
- Indien het probleem van dien aard is dat de integriteit en exclusiviteit
van de
persoonsgegevens niet gewaarborgd zijn dient het gebruik van de betreffende Suwi-
applicatie te worden gestaakt;
- De opvolging van de melding wordt aan de melder teruggekoppeld.
6.3.4 Lering trekken uit incidenten
Doelstelling
De
frequentie, schade en kosten van toekomstige incidenten beperken of voorkomen
middels het nemen van uitgebreidere of aanvullende beveiligingsmaatregelen.
Eisen 6.3.4
- De beveiligingscoördinator voert de analyse van de incidenten
uit op basis van de
interne beveiligingsincidenten, het overzicht van beveiligingsincidenten die zijn
gemeld via de ICT- leverancier en de beveiligingsincidenten die zijn gemeld via het
BKWI aan de Domeingroep Privacy & Beveiliging;
- Op basis van terugkerende of zeer ingrijpende incidenten of storingen
wordt
vastgesteld of aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn om de frequentie, schade
en kosten van toekomstige incidenten te beperken;
- Er dienen richtlijnen te worden opgesteld waarmee de aard, de omvang
en de kosten
van incidenten en storingen kunnen worden gekwantificeerd en bewaakt.
6.3.5 Disciplinaire maatregelen
Doelstelling
De
ondersteuning van handhaving van het beveiligingsbeleid door sanctionering van
activiteiten die er afbreuk aan doen, met als doel het voorkomen of verminderen van
ondermijnend gedrag.
Eisen 6.3.5
- De sancties zijn gericht op het voorkomen van herhaling van de overtreding
en staan
in verhouding met de mate van overtreding (BXIV 6.3, CBP 4.3);
- Het sanctiebeleid moet schriftelijk worden vastgelegd en breed in
de organisatie
worden gecommuniceerd, zodat iedere medewerker hiervan op de hoogte is (BXIV
6.3, CBP 4.3);
- Het lijnmanagement is verantwoordelijk voor het ten uitvoer brengen
van het
sanctiebeleid (BXIV 6.3, CBP 4.3).